DE TOEAREG

 

Heb je wel eens gehoord van de Toeareg? Nee?
De Toeareg zijn een Berbervolk, levend in de Sahara en de Sahel.
Daar leven ze al meer dan duizend jaar. Best wel lang h? Niet dan? Ja toch?!
Ze leven in de meest onherbergzame gebieden.
Nu moet je niet denken dat die woestijngebieden alleen maar uit zand bestaan.
Niks hoor! Je vind er ook rotsen en opgedroogde zoutmeren. Zelfs hele kiezelvlakten komen er voor. Net een ouderwets schoolplein.
Het temperatuurverschil is er ook erg groot. In de zomer kan het gemakkelijk 50 graden worden, maar in de winter is het een stuk kouder, dan kan het 's nachts zelfs wel 15 graden vriezen. Brrrrrrr. Kkkkoud h?
Het is een woestijn en veel regen kun je er dus ook niet verwachten. Het kan er soms jaren achtereen niet regenen.
En je begrijpt wel, dat er dan ook makkelijk zandstormen kunnen ontstaan, veroorzaakt door een hete droge en vooral harde wind.
Alleen in de bergen en in de oases is water te vinden.
En water hebben ze natuurlijk wel nodig, want ook de Toeareg moeten geregeld drinken. En ze hebben ook veel dieren, kamelen en geiten en die moeten natuurlijk ook drinken.
En gras eten natuurlijk.
Ze noemen de Toeareg wel de blauwe mannen van de woestijn.

Weet je waarom?
Ze verven hun kleding met de blauwe kleurstof indigo.
Ze maken die indigo van planten.
Het nadeel van indigo is, dat het blauw afgeeft.
En doordat ze hun kleding natuurlijk altijd aanhadden kreeg hun vel op de duur ook een blauwe glans.
En dus werden het de blauwe mannen van de woestijn.
De Toeareg dragen een sluier.
Nu zul je misschien denken, dat die sluier door de vrouwen wordt gedragen, maar niks hoor!
De mannen zijn gesluierd en de vrouwen niet.
De Toeareg waren berucht. Ze maakten hun gebied onveilig doordat ze karavanen beroofden.
Eigenlijk wel een beetje stout, vind je niet?
De Toeareg, die nu nog in Afrika leven, zijn natuurlijk wel wat moderner geworden.
Een van de weinige stammen, die de oude gebruiken nog in ere houdt, is de Ken Ahoggar.Ze wonen in het Hoggargebergte in de Sahara
(in het zuidelijk deel van Algerije).
In plaats van Hoggargebergte worden ook de namen "Ahaggar" of "Al-Hajjar" gebruikt.

De Toeareg blijven nooit lang op dezelfde plaats. Huizen bouwen zou dus weinig zin hebben.
Ze wonen in tenten. Elk gezin heeft een eigen tent.
De rechterhelft van zo'n tent is voor de man des huizes
(eigenlijk zou je moeten zeggen 'man des tentes', maar dat klinkt zo raar).
De linkerkant van de tent is voor moeder de vrouw en de kindertjes.
En midden in de tent staat het bed.
Die tenten hebben een roodbruine kleur.
Dat komt zo: die tenten worden gemaakt van tientallen geitenvellen, die eerst worden ingewreven met rode klei en poep van de kamelen
(oei oei oei wat zal dat stinken).

De rangen en standen van de Toeareg.

Bij de Toeareg hebben ze een klassenstelsel.
Er zijn Edelen, Vazallen, Slaven, Horigen, Heiligen en Smeden.
De Edelen, die bekend staan als de gesluierde krijgers van de Sahara, vormen de hoogste klasse, de Ihaggar.
De grootste klasse van de Toeareg wordt gevormd door de Vazallen, de Imrad.
De Vazallen zijn de veehouders bij de Toeareg. Ze noemen zichzelf 'het volk van de
geiten', Kei Ulli.
De Slaven, de Iklan, die oorspronkelijk uit Soedan komen, vormen de laagste klasse.
Horigen wonen in de oases. Ze pachten grond van de edelen, waarvoor ze een hoge pacht
(huur) moeten betalen. Zelfs 80 procent van de opbrengst van hun land.
Nou, dat is best wel veel hoor! Stel je voor, dat je honderd knikkers van iemand krijgt en je moet er meteen weer tachtig van afgeven, dan hou je niet zo veel over.
Horigen zijn slaven, die zich op de een of andere manier hebben weten vrij te maken.
Heiligen zijn erg belangrijke mensen. Ze weten alles van de koran. Ze zijn bijna net zo belangrijk als de Edelen.
De klasse van de Smeden is niet erg in tel.
De smeden worden door de anderen geminacht.
En dat is omdat ze met ijzer en vuur omgaan. Dat is niet zo best vinden de Toeareg.
Smeden mogen ook niet in het tentenkamp komen.

Weet je hoe het dagelijks leven van de Toeareg is?
De vrouwen hebben alle tijd van de wereld, want de slaven doen alle werkzaamheden.
Ze verzorgen ook het kleinvee van de vrouwen.
De vrouwen doen aan pozie, muziek en zang.
En natuurlijk zorgen ze voor de opvoeding van de kinderen.
De mannen kunnen niet schrijven, maar de vrouwen wel.
En dat leren ze weer aan hun dochters.
De jongens leren kameelrijden al ze een jaar of tien zijn.
En daarna gaan ze met hun vaders mee op stap.
En de vaders, de Edelen en Vazallen, zijn vaak onderweg.

Nog niet zolang geleden kon je in het Afrikahuis van het Noorder Dierenpark in Emmen veel over de Toeareg leren en bekijken.
Er stond bijvoorbeeld een echte Toeareg-tent.
Het zingen, dat je op de achtergrond hoorde, kon je daar ook uitgebreid beluisteren.

terug