Zomaar wat rijmpjes

 

 

Een beetje liefde

van W. van Dam

Een beetje liefde,

een beetje verdriet.

Dat, beste mensen,

is wat 't leven u biedt.

 

Het vrouwtje van Stavoren

van W. van Dam

Het vrouwtje van Stavoren

stond boven op de toren.

Ze sprong naar beneden

en is toen overleden.

Een vrolijke jonge meid

van W. van Dam

Een vrolijke jonge meid

Gebruikte haar vrije tijd

Om met gulle hand,

Aan de waterkant

Van een brede sloot,

Vreselijk veel brood

Te voeren aan de eendjes.

Ze had blote beentjes.

 

 

D E

O . N . T . D . E . K . K . I . N . G

v a n

D . . E . . Y . . K . . U . . S

Z

Heer Adam lag te dromen,

Te dromen in het gras.

Hij lag te fil'soferen,

Hoe schoon het leven was.

Hij dacht, wat is het heerlijk

Hier op deze aard'.

Hij hoefde niet te denken,

Wat is de gulden waard,

Wat is de gulden waard.

 

Hij lag daar zo te zingen,

Te zingen in de zon.

En Eva was naar stad toe

Om een voorjaarsjapon.

De vogels in de bomen,

Zongen met hem mee!

En zie, daar stapte Eva

Lustig uit lijn twee...

Lustig uit lijn twee.

 

Zij zette zich toen neder,

Daar in het groene gras.

En Adam vond, dat 't leven

Nog eens zo heerlijk was!

Maar zie, daar kwam gevlogen,

Zoemend een bij,

Die toen op Eva's lippen

Wat zoete honing lei...

Wat zoete honing lei.

Heer Adam keek, dat snap je,

Daar vol verbazing naar!

Hij dacht, welsnotjandozie,

Wat doet dat beestje daar?!

Maar na een ogenblikje

Vatte hij moed.

Maar toen was hij verloren,

Wat smaakt die honing zoet!...

Wat smaakt die honing zoet!

 

Zo werd in 't grijs verleden,

Het zoenen 't eerst ontdekt.

En dat is als de waarheid,

Gestadig uitgelekt.

En is het nu een wonder,

Dat jong en oud,

Ja, dat de hele wereld

Zo van zoenen houdt?!?

Zo van zoenen houdt!

 

Terug