o M O O I x

o D R E N T H E x

 

D e . O l d e . L a n d s c h a p

 

 

We kunnen rustig stellen, dat Drenthe behoort tot de langst bewoonde delen van ons land.
Hier bouwde de eenvoudige bevolking nederzettingen op het Drentse land, voordat daarvan in het omringende gebied sprake was.
Duizenden jaren geleden trokken rendierjagers en hunebedbouwers door dit gebied. Vanzelfsprekend is de prehistorie van Drenthe uiterst belangrijk. Bedroevend is de weinige kennis, die we van de eerste paar eeuwen na het begin van de jaartelling hebben. Er zijn voorwerpen gevonden, die gebruikt zijn door Neanderthalers of tijdgenoten daarvan. Daarvan uitgaande kunnen we de Drentse geschiedenis zo'n 50.000 jaar geleden laten beginnen.

Drenthe heeft behoord tot het hertogdom van hertog Gozelinus. Daaraan dankt de provincie de hertogskroon boven het wapen. De wereldlijke rechten van het bisdom Utrecht over Drenthe zijn in 944 in een oorkonde van koning Otto I omschreven als jachtrecht, in 1024 en in 1046 als grafelijke macht.
Deze oude boerengemeenschap is vroeger niet door de adel overspoeld. Drentse adel was er eigenlijk niet. De adel, die zich hier gevestigd had, kwam uit Gelderse en Overijsselse geslachten.

De burggraaf van Coevorden kon rekenen op de steun van de Drentse boeren.
Daar maakte hij ook gebruik van. In 1227 versloeg hij met zijn boeren de bisschop van Utrecht in de slag bij Ane. Maar edellieden van latere tijd zochten juist steun bij de bisschop van Utrecht. Deze edelen bouwden stenen huizen, die hier de naam havezate kregen.
In totaal zijn er nooit meer dan achttien door de Drost en Gedeputeerden erkende havezaten in Drenthe geweest.

 

Terug